NL      UK
 

Nieuwsbrief

Als kind uit een familie waarin diverse alternatieve geneeswijzen een prominente rol speelden was het niet heel vreemd dat ik al op jonge leeftijd de keuze maakte homeopathie te gaan studeren. De holistische visie waarin het lichaam meer is dan een samenraapsel van onderdelen is mij met de paplepel ingegoten en hierdoor was het diepere kijken naar de mens ook altijd voor de hand liggend en interessant.
Met bijna onbegrensde passie stortte ik me in 1995 op de studie homeopathie aan de Academie voor Natuurgeneeswijzen in Hilversum alwaar ik in 2000 met succes examen deed om vervolgens een van de jongste homeopaten van Nederland te worden. Al tijdens mijn studie raakte ik gefascineerd door de vele stromingen en nieuwe ontwikkelingen in de homeopathie en was dan ook al vaak voor lezingen en seminars op andere opleidingen en seminars te vinden. Zodoende kwam ik in contact met de C4 homeopathie.

In deze vorm van homeopathie wordt met nog veel meer nuancering gekeken naar de mens in al zijn facetten en ontwikkelingen. Niet alleen gaf dit een beter inzicht maar ook de mogelijkheid om op diepere lagen voor te schrijven waardoor mensen soms enorme ontwikkelingssprongen kunnen maken.

In de laatste jaren heb ik vooral geleerd dat het vak van homeopaat geen afgebakend terrein is. De overlap met ontwikkelingspsychologie, psychotherapie, systeemopstellingen, botanie, natuurkunde, Jungiaanse psychologie, kunst en tal van andere theorieën is zo groot dat ik het vak tegenwoordig veel ruimer zie. Deze erkenning heeft tot gevolg dat de groeimogelijkheden ook veel groter zijn geworden. Zowel voor mijzelf als therapeut als voor het vak en natuurlijk voor de cliënt. Vanuit het ruime aanbod van manieren waarop homeopathie ingezet kan worden is een goede individuele afstemming van belang zodat bekeken wordt welke methode het beste past bij de betreffende patiënt. En hier ligt mijn persoonlijke kracht.
Niemand heeft de wijsheid in pacht en je 100% storten op een enkele stroming geeft lang niet zoveel succeskansen als je breed oriënteren en per patiënt bekijken wat voor hem of haar het beste is. We willen immers ook individueel benaderd worden.